Een vrij grote zoetwaterslak met 'dekseltje' (operculum) op de achterkant van het lichaam. De 'dikke' vorm van het huisje is karakteristiek.
In Nederland komen een tweede, iets grotere en spitser gevormde moeraslak voor. Onderscheiden van deze soorten is specialistenwerk omdat er ook veel variatie is tussen dieren van dezelfde soort.
Levendbarende moerasslakken zijn kieuwslakken die voor de ademhaling niet naar het wateroppervlak hoeven te komen.
Levendbarende moerasslakken zijn ofwel mannelijk ofwel vrouwelijk.
Herkomst
Europa
Grootte
4 cm
Watertemperatuur
Geslachtonderscheid
Mannetjes zijn te herkennen aan een kortere, dikkere voelspriet die als penis dienst doet. de andere voelspriet is veel dunner en langer. Vrouwtjes hebben twee lange, dunne voelsprieten.
Kweek is enkel mogelijk in
zoetwater
Opkweek (bijzonderheden)
Zoals de naam al aangeeft brengen levendbarende moerasslakken volledig ontwikkelde jongen ter wereld. Deze hebben bij de geboorte een huisje van ongeveer 3 mm. De jongen zijn direct na de geboorte zelfstandig. Meestal 3 tot 6 jongen per keer
Bakinrichting
Ze hebben een voorkeur voor een vuile bak met veel algen tegen de ruiten en stenen die met algen begroeid zijn. Ze geven ook een voorkeur aan een slijkbodem.
Voer
Algen die van waterplanten en van de wand van vijvers worden afgeschraapt. Ook droogvoer voor vissen wordt gegeten, zolang het zich op de bodem bevindt. In een te proper aquarium zullen de dieren na een tijdje verhongeren.
Selecteer onderstaande tekst en kopieer deze via rechtsklikken naar je klembord. De tekst kan je vervolgens direct plakken in je bericht op het Garnalen & Kreeften forum!